Geen hoop op overlevenden bij beving in Turkije
Zeeburg, 15 november 1999
Bij de aardbeving in het noordwesten van Turkije vrijdag jl zijn minstens 360 doden en 1800 gewonden te betreuren. De verwachting is dat het aantal slachtoffers de komende dagen nog zal oplopen.
De beving had een kracht van 7,2 op de schaal van Richter. Het epicentrum lag bij Düzce, ruim 100 kilometer ten oosten van Izmit, waar een zware beving op 17 augustus aan 17.000 mensen het leven koste.
Winter
Reddingwerkers hebben maandagmorgen na een koude nacht in de bergachtige provincie Bolu de hoop opgegeven nog meer opgesloten overlevenen te kunnen bevrijden van onder het puin. Zij richten hun aandacht nu op de duizenden daklozen die in tenten of in de open lucht verblijven.
In het rampgebied, waar de winter is ingetreden, is grote behoefte aan drinkwater, tenten, bedden, verlichting, generatoren en medische apparatuur.
Hulp
De Turkse overheid, die bij de vorige beving veel kritiek over zich heen kreeg vanwege de traag op gang komende hulpverlening, reageerde direct en deed zijn uiterste best de hulpverlening nu zo snel mogelijk opgang te helpen. Premier Demirel verscheen vrijdag op de televisie en verklaarde dat de Turkse staat bij deze nieuwe ramp alles zal doen wat in haar vermogen ligt. Minister van defensie Hatib Sabahattin verklaarde dat het land deze keer beter was voorbereid en dat "geleerd was van de ervaringen na de vorige aardbeving van 17 augustus". Ook vanuit Griekenland, Rusland en Algerije kwam de hulpverlening op gang.
Schade
President Bill Clinton van de VS arriveerde zondagavond in Ankara voor een internationale topontmoeting over vrede en veiligheid. Naar verwacht zal hij extra hulp aanbieden om de gevolgen van de aardbeving te boven te komen. De Turkse Minister van Transport, Eniz Oksuz, sprak over circa 20 miljard gulden schade. Dit komt bovenop een vergelijkbaar bedrag als schade ten gevolge van de aardbeving van augustus.
Stadsdeel leeft mee met Turkse gemeenschap
|