|
| ||||
| Zeeburg Nieuws | ||||
|
| ||||
|
Kabinetscrisis: politieke moord op LPF?
door Martin van Etten
Zeeburg, 18 oktober 2002 -
Nu de kruitdampen in Den Haag zijn opgetrokken kan het slagveld overzien worden. De kabinetscrisis, geëindigd in de val van het "eerste" kabinet Balkenende lijkt wat het is en is niet wat het lijkt.
"We hebben er alles aan gedaan," zei ook CDA-premier Jan-Peter Balkenende. "Er was geen basis voor vertrouwen meer." De LPF dreigde door interne tegenstellingen uit elkaar te vallen. De coalitie zou dan nog onvoldoende draagvlak hebben.
Liet Balkenende kennelijk nog enige ruimte voor een voortzetting van de coalitie, een ogenschijnlijk aangedane Zalm meldde woensdag de bodem van het vertrouwen bereikt te hebben. Nimmer werkelijk geïnterresseerd in het experiment met de LPF, zag hij zich genoodzaakt "de stekker eruit trekken", anders gezegd het mes in de rug van de LPF te plaatsen, en dat tot verbijstering van Herben, nog onnozel gelovend in een mogelijkheid de coalitie voort te zetten en een kaninetscrisis te voorkomen.
Het leidt geen twijfel dat electorale overwegingen bij de gebeurtenissen rond de kabinetscrisis een essentiële rol gespeeld hebben. De LPF, die, in de woorden van Herben geen mogelijkheid had nagelaten zelf "brandhout" voor het vuur aan te dragen, stond op het moment van de crisis juist op een dieptepunt in de opiniepeilingen. Het CDA en de VVD stonden juist op winst, en oppositiepartij PvdA profiteerde weinig van de komende ondergang van de LPF. Een ideaal uitgangspunt voor verkiezingen, althans in de ogen van Zalm, die na de verjiezingsnederlaag van zijn partij nog een fikse appel te schillen had met de LPF.
Dit is een verklaring voor de gretigheid waarmee CDA en VVD uitgerekend op de dag van de teraardebestelling van Prins Claus gemeend hebben de interne tegenstellingen in de LPF te moeten uitbuiten ten behoeve van hun mogelijk electorale succes over enkele maanden.
Hiermee zijn de gebeurtenissen op de dag van de teraardebestelling van prins Claus afdoende verklaard. Dit is vooral CDA-voorman Jan-Peter Balkenende aan te rekenen, die in onze ogen daardoor ook zijn aspiraties op de leiding van een eventueel "tweede" kabinet Balkenende gelijk verspeelde.
Men roept nu kamerbreed, met uitzondering van de LPF, om nieuwe verkiezingen. In december, mogelijk januari, of wellicht nog enkele maanden later zou de kiezer zijn oordeel moeten geven over de nieuwe situatie. De LPF heeft gefaald, haar electoraat moet verdeeld worden over de bestaande partijen, natuurlijk liefst over het CDA en de VVD. Dus wellicht kunnen wij hierbij garen spinnen", moeten de coalitiebrekers gedacht hebben.
Toch is het nog maar enkele maanden geleden dat het appèl van Pim Fortuyn leidde tot de ontwikkelingen van nu. De lijst Pim Fortuyn, onthoofd door de moord op hun voorman, werd voor de leeuwen geworpen en moest meedraaien in het politieke "circus" van Jan Peter Balkenende. Dat hierdoor chaos zou ontstaan was niet anders dan te verwachten. Een samengeraapt zooitje kandidaten om de te verwachten zetels te vullen begon aan een interne machtsstrijd. Niets bijzonders overigens, ook andere partijen maken die meestal binneskamers mee. Voor de LPF was er echter geen andere mogelijkheid dat in het openbaar te doen. Dat leidde soms tot genante taferelen, ook al moet dat niet overdreven worden.
Om de kabinetscrisis te beoordelen moeten we ons beperken tot de argumenten. Die zijn niet inhoudelijk gebleken, maar zouden zijn te herleiden tot een "incompatibilité d'humeur" tussen twee LPF bewindslieden, Bomhoff en Heinsbroek, die beiden verschillende stromingen binnen de LPF vertegenwoordigden. Volgens Zalm zouden zij "elkaars bloed hebben kunnen drinken" en "niet meer door één deur kunnen". Als dan wel de regie van Balkenende gefaald heeft, dan zeker op dit punt. Hoewel we na alle berichtgeving nog niet werkelijk weten waar dat "ekaars bloed kunnen drinken" dan uit bleek, mag worden vastgesteld, dat in dit opzicht Balkenende zijn mensen kennelijk niet meer in de hand hield en dat zijn regie faalde.
Wij hebben hier een vermoeden. De onenigheid tussen de beide LPF ministers lijkt niet meer dan een openlijke machtstrijd om het leiderschap in de LPF. De ster van Bomhoff was dalende, Heinsbroek zou wellicht de leiding over de LPF overnemen. Gezien de stijgende populariteit van Heinsbroek moest dat gevaar ten koste van alles worden voorkomen. Dát was een kabinetscrisis waard. Dat Fortuyn uiteindelijk toch een geschikt opvolger zou vinden.
Verkiezingen? Waarom eigenlijk. De kiezer heeft op 15 mei een mandaat afgegeven. Een machtsblok gevormd. Zesentwintig zetels, 1,6 miljoen kiezers. Waarom zou dit machtsblok nu moeten worden geliquideerd? Laat de LPF zijn taak af maken, samen met de andere winnaar van de verkiezingen, Jan Peter Balkenende. We moeten het koor van de huilende wolven, die nu nieuwe verkiezingen eisen negeren. Dat de LPF in chaos verkeerd, het zij zo. Zij zullen moeten begrijpen dat zij door zich kandidaat te stellen, een nieuwe verantwoordelijkheid hebben gevestigd. Daar kunnen zij niet aan ontkomen. Nieuwe verkiezingen: een gotspe. Een mandaat geldt voor vier jaar. We kunnen er wel van af willen, uit eigen belang, Balkenende zal moeten beseffen dat zijn mandaat nauw samenhangt met dat van de LPF. Zij waren de winnaars van de verkiezingen. Niet de VVD. Die had zelfs niets te zoeken in de coalitie, laat staan dat ze nu het recht zouden hebben de coalitie te laten springen. |
|||
|
|
||||
| © 2002 | Naar boven Voorpagina | info@zeeburgnieuws.nl | ||