|

"...een zwarte bladzijde wordt omgeslagen..."
Zeeburg, 19 december 2000 - Het was werkelijk een gelukkig toeval dat de opruimploeg van het stadsdeel, de eigenaar van het fietswrak op de foto en de verslaggever van ZeeburgNieuws elkaar tegen kwamen tijdens het hoogtepunt van de aktie, op een vroege ochtend een week geleden ergens in de Architectenbuurt.
Het wrak dat tot ergernis van de bewoners minstens een jaar een plek had ingenomen in het fietsenrek, werd voor de ogen van de bedremmelde eigenaar die toevallig net zijn woning verliet, vakkundig losgezaagd en op transport gesteld naar een laatste rustplaats. Een buitenkans voor deze krant: hoe verloedert zo'n prachtige sportfiets tot fietswrak? De eigenaar, een schuldbewuste autochtone veertiger, was bereid ons openhartig zijn verhaal te vertellen.
Wijntje
"Het zal februari 1998 zijn geweest. Ik was op een trouwerij in Utrecht. Meegereden met vrienden. Leuk feestje, goeie muziek, een lekker wijntje, een praatje, nog een wijntje, en nog een wijntje..."
"Geleidelijk aan liep het feestje uit de hand en daardoor besloot ik op eigen gelegenheid terug te gaan naar huis. Na allerlei omzwervingen en een vervelende ontmoeting met een stel dronken Utrechtse vechtersbazen, miste ik de nachttrein. Dan maar te voet..."
"Ik volgde de verkeersborden richting Amsterdam en vond een prachtige ruim opgezette wandelweg, de beide richtingen keurig gescheiden door een hekwerk. Hinderlijk was wel dat er ook auto's reden. Later bleek dat ik op de A1 terecht was gekomen. Ik zei het al, we hadden wat wijn gedronken..."
Bijlmer
"Amsterdam was toch wat verder dan ik dacht en ik was blij dat er op gegeven moment een auto stopte. Een taxi, nou ja goed, hij was bereid me met mijn bebloede kop mee te nemen. 'Hoeveel geld heb je bij je?', vroeg de chauffeur, en bekeek allereerst de inhoud van mijn portemonnaie om zich zelf te overtuigen. 'Honderd piek, ok, we zien wel hoever we komen.'"
"Even na Abcoude bereikte de meter honderd gulden rond. 'Nu eruit,' zei de chauffeur. Geluk was dat ie daar niet kon keren en door moest rijden naar de eerstvolgende afslag. Zo kwam het dat ik er bij het AMC uitgegooid werd."
"Inmiddels waren we alweer een uurtje verder maar er reden nog geen bussen. En probeer maar eens uit te vissen hoe je met een nachtbus thuiskomt. Bovendien, van de Bijlmer naar Zeeburg, dat is toch wat minder dan het hele stuk vanaf Utrecht.
Enigszins ontnuchterd begon ik aan het laatste stuk van mijn nachtelijke tocht."
Zonderling
"In de omgeving van het Amstelstation kwam iemand mij tegemoet op de fiets. Overduidelijk een dronken zonderling die de gehele breedte van het fietspad nodig had. Wijs geworden door mijn onprettige ervaring in Utrecht gaf ik hem ruim baan, en dat was maar goed ook, want de idioot sprong van zijn fiets, tilde hem boven zijn hoofd en wierp mij zijn vervoermiddel voor de voeten, waarna hij scheldend en tierend te voet verder ging."
"Daar stond ik, 's-morgens om zes uur, met een prachtige sportfiets met tien versnellingen en een echt leren Brooks zadel. Ik zag het maar als een compensatie voor de financiële aderlating aan de taxichauffeur en concludeerde dat God's wegen toch ondoorgrondelijk zijn."
Sleutel
"De volgende ochtend bleek de sportfiets toch iets minder van kwaliteit dan ik had gedacht, maar na een dag knutselen had ik met wat reserve-onderdelen toch een aardig karretje voor elkaar. Ongetwijfeld was de fiets gestolen, maar wat moet je in Amsterdam, de helft van de fietsen is gestolen. En ik had hem tenslotte zelf weer rijdend gemaakt. Dus je sust je geweten."
"Veel plezier heb ik er niet van gehad. Bij het fietsslot dat ik nog ergens had liggen zat één sleutel... Je snapt het, na een paar maanden was ik die sleutel opeens kwijt. Zo stond de fiets vast aan het rek en probeer dat geharde staal van zo'n ketting maar eens door te zagen."
Zwarte bladzijde
Voor de slijptol van de reinigingsambtenaar was de ketting absoluut geen probleem. In een paar seconden gaf het geharde staal de geest. Mijn buurtgenoot stond erbij en genoot zichtbaar van de actie. Het leek of hem een zware last van de schouders was gevallen.
"Ik doe graag afstand van dit wrak," zei hij, maar de reinigingsamtenaren vulden gezagsgetrouw de formulieren in die horen bij het in beslag nemen en afvoeren van goederen van burgers. Ook de restanten van de ketting werden keurig bevestigd aan het wrak.
"De eigenaar zou zich nog eens kunnen bedenken," zeiden de ambtenaren, "en zijn fiets komen opeisen."
"Deze eigenaar bedenkt zich niet," zei de eigenaar, "het is mooi dat er een zwarte bladzijde in mijn leven definitief is omgeslagen, laten we het zo houden. Maar laat mijn andere fiets alstublieft staan."
Martin van Etten
|
|