Zeeburg Nieuws

Voorpagina

100 jaar Indische Buurt

Maartje Pronk haalt herinneringen op aan haar jeugd in de Indische Buurt:

Niets nieuws onder de zon

De hond van Theo

Honderd jaar lente


De Elthetoschool '53:

Een persoonlijke impressie over het leven in de vijftiger jaren..
Honderd Jaar Lente

Het is zover, één van de Vierjaargetijden, doet zijn intrede. Die gevoelens waren deze week sterk bij mij aanwezig toen ik even een Javastraatje ging pikken, op een lentedag.
Met mijn gedachten denkend aan de Bomen van Toen, en aan de Nieuwe panden van Nu, Afbraak en Opbouw, alles gekenmerkt door het motto, Een Buurt 100 Jaar Oud.
De smalle straten, pleinen, woningen vaak voorzien van hoge ramen, hier en daar met een balkonnetje, de verworvenheden van dit alles, met name de architectuur, heeft bij sommigen, Afgedaan, voor Altijd.

De Huizen van toen bestonden vaak uit drie kamers achter elkaar, de tussenkamer vaak gebruikt als extra slaapvertrek, gescheiden gehouden door schuifdeuren. Een Romantisch optrekje, je zat op het ene moment in de voorkamer, sommigen noemden dat de Salon, en als de schuifdeuren werden geopend, keek je in de alkoof. Vaak een benauwde ruimte, geen ramen, wel een aantal bedden, waar menig kind zijn ruimte moest Delen, met de andere Kinderen.

Aansluitend, vaak aan de achterzijde, een smalle keuken. Daar moest alles plaatsvinden wat betreft het Kookbeuren dat Werd afgewisseld met velerlei varianten, bijvoorbeeld, het Maandag gebeuren, namenlijk de Wasdag.
Dit was in de vijftiger Jaren een hele gebeurtenis. Sommige huishoudens konden gebruik maken van een verhuurbedrijf in Wasmachines. Die kon je dan per Uur huren. Hoe groter je budget, des te meer wasgoed. Was je besteding minimaal, dan was alles in een uur doorgedraaid, dit alles met een wringer, even Doordraaien, werd er dan Gezegd.

Teugkomend op het inhoudelijke van de keuken, in sommige Huishoudens werd er een geyser geplaatst. Dit was echt een luxe want menigeen moest tot dan gebruik maken van de waterketel. Als die je floot wist je hoe laat het was, dan stond er een teil met afwas te wachten. Even een zeepklopper met wat natuurzeep er door, En het schuim deed wonderen, dit alles onder de noemer, Blinken doet Klinken. Het zeil op de grond werd beloond met een zwabber beurt, soms met een lik klokwas, en dat deed de Ruimte veranderen in een Paleis.

Op winteravonden kon het best koud zijn. Dan moest je gebruik maken van wat extra toevoer van kolen, voor de kachel.
Sommige Huizen waren voorzien van een zolder, daar moest ook de voorraad kolen gehuisvest worden. Deze werd naar omhoog gehezen met touw en blok in grote jute zakken, die werden geleegd in het kolenhok, waar je, als het dan je beurt was, naar toegestuurd werd , met kit en schep, op weg via de vaak donkere zoldertrap.
Als kolen had je Eierkolen, Antraciet, in verschillende types, of als Briketten, die vaak gebruikt werden, om alles iets Behaaglijker te maken.

In de Zestiger jaren werd alles met de styling vanuit de States beinvloed, zo ook de indeling van de woningen.
Er moest meer ruimte komen, vaak werden de schuifdeuren eruit gesloopt, de kamers werden tot een grote lange ruimte. Dit werd Bij menigeen toegepast, onder de noemer Modern wonen. Sommige wanden werden voorzien van houten schrootjes, de plafonds werden verlaagd, en met hout, of pvc tegels bewerkt.
Een spotje hier en een spotje daar, een paar nieuwe overgordijnen het huis en zijn interieur, mee met in die tijd, onder de noemer, Riant en Gezellig.

De tobbe moest plaats maken voor de Douche, dat was passen en meten. Een stuk van de hal moest bij de toiletruimte getrokken worden, Voor de kapstok moest een ander plaatsje worden gevonden. Om dit allemaal optimaal te doen laten slagen, werd menige Buurt bewoner door het zweet getroffen. Maar de nieuwe Douche deed wonderen, en maakte de één bij één ruimte tot een oase, een Tegemoetkoming, in Waterstralen.

Als je geluk had, en nog wat had te besteden, kon je van de lattenzolder nog een leuke kamer maken. De latten werden door een paar platen board dicht getimmerd, een lampje was gauw aangelegd, en van deze Ruimte werd vaak gebruik gemaakt door de kinderen, die dan al wat zelfstandiger waren, en een eigen kamer wilden.
Of de zolder werd gebruikt om het wasgoed op te hangen, dan werden de zolderramen opengezet - frisse lucht kon zeker geen kwaad - alles onder het motto, meer Ruimte.

Het huishouden werd meestal alleen door de vrouw gedaan. De man was in die tijd de kostwinner: lange werkdagen met korte nachten.
Aan het eind van de week werd het loon uitbetaald, het zogeheten loonzakje, dit vond meestal plaats op vrijdag.
Als vaders dan wat later thuis kwam, was in dat zakje al een vermindering aangebracht, het was gezellig, even bijpraten, op het Hoekje, bij een borreltje………
Wachten kon vaak lang Duren.

Op zaterdag kwam zowel de Melkboer als de Broodbakker aan de deur om zijn waar te verkopen. De bakker had 's-nachts gebakken en moest zijn waar zelf nog uitventen. Op een bakfiets met wat manden. En als we niet thuis waren, wist hij ongeveer wel wat wij moesten hebben.
Zo hadden wij in het weekend altijd wel een aanbieding van deze beste man in huis, koek in overvloed, en er was altijd Brood op de plank, voor zowel de bakker Zelf, als menig Buurtbewoner Die hij als Klant had.

Het begin van het T.V. Tijdperk. Niet iedereen kon daar gebruik van maken. Dan maar bij elkaar buurten.
De buurtkinderen zaten vaak op woensdagmiddag aan de buis gekluisterd, kijkend naar de uitzending van dappere Dodo, of Kantjil. De gordijnen moesten dan worden gesloten, een uitzending, alles in zwart wit.
Een tijd om niet te vergeten, dit alles passend in een Buurt, 100 jaar Oud, waar Alles geworden is zoals het nu is, onderhevig aan Verandering, maar met een Verleden, wat ook passend is in het Heden, Een Stukje Stad, met zijn Romantiek.

Maartje Kniertje Pronk


© 2000 Honderd jaar Indische Buurt Voorpagina info@zeeburgnieuws.nl